Studieprogramma


Het vak van film en tv-maker leer je het best in de praktijk. Daarom vormt praktijkonderwijs de rode draad van de opleiding. Hieronder vind je een overzicht van het studieprogramma. 

Propedeuse Je wordt aangenomen voor één afstudeerrichting. Toch is het onderwijs in het eerste jaar voor alle studenten grotendeels gelijk. Het jaar is bedoeld om kennis te maken met alle disciplines en alle aspecten van het filmvak. Studenten verwachten soms dat ze vanaf de eerste dag met een camera in de hand lopen. Dat is niet het geval. Met name het eerste jaar bestaat voor een groot deel uit theorie, zoals filmgeschiedenis, filmanalyse, televisiegeschiedenis en dramaturgie. Er wordt in dit jaar ook een basis gelegd voor het onderwijs binnen je eigen afstudeerrichting.
Hoofdfase Vanaf het tweede jaar specialiseer je je verder in de afstudeerrichting waarvoor je aangenomen bent. Je werkt mee aan meerdere grote gezamenlijke oefeningen, in de studio en/of op locatie, waarin samenwerking en verdieping centraal staan.
Praktijkonderwijs Studenten werken voor alle oefeningen en producties samen in crews die bestaan uit studenten uit alle vakgebieden. Dat is typerend voor het onderwijs aan de Filmacademie en gebeurt op geen enkele andere Nederlandse audiovisuele opleiding. Je oefent en leert dus al vanaf het begin vanuit een situatie die vrijwel gelijk is aan de filmpraktijk buiten de opleiding.
Stage In het derde en/of het vierde jaar loop je stage. Dat gebeurt bijvoorbeeld als assistent geluid, camera of licht, bij productiebedrijven of op filmsets. Naast het opdoen van ervaring biedt een stage je de mogelijkheid je vakkennis te toetsen en uit te breiden. Ook is het een goede gelegenheid contacten op te doen voor het vinden van werk na de academie. Je neemt zelf het initiatief voor het vinden van een stageplaats. De studieleider helpt en adviseert hierbij.
 

Meer over praktijkonderwijs?

Lees hier meer

 

Meer over stages?

Lees hier meer

 

Informatie voor stagegevers

Lees hier meer

Delen